Polle Berghman
Op Sint-Maarten 11/11/2009 hebben we afscheid genomen van onze collega Polle Berghman.
Een laatste afscheid, hij zal ons nooit meer entertainen, nooit meer verrassen met zijn stadsverhalen, ons nooit meer van langs de zijlijn zijn gezonde kijk op de wereld meegeven.
Langs de zijlijn ... terwijl hij dikwijls -weliswaar ongewild- zelf in het middelpunt van de belangstelling stond. Om wie hij was, om wat hij te vertellen had, omwille van zijn integere bekommernis voor die andere!
Polle is zijn hele leven in de weer geweest voor Brussel, zijn geliefde stad.
Brussel was zijn biotoop.
Hij startte zijn loopbaan in Opwijk als drukker maar had het moeilijk om in die harde commerciële wereld het hoofd boven water te houden. Brussel lonkte, hij kwam er terecht in het CCC, het Contact- en Cultuurcentrum, waar een nieuwe wereld voor hem openging. Brussel intrigeerde hem, hield hem bezig en zou zijn hele verdere leven gaan bepalen: de kleine en grote mensen, de geschiedenis, de gekende en verborgen plekken, de kleine en grote kanten!
Polle was zot van kinderen. Of hij ze nu tot minneke poes omtoverde met zijn fenomenale schminkpartijen, of hij ze verblijdde als zwarte piet of sinterklaas, als clown of als nonkel Polle ... hij genoot van die klein mannen. Hij stond aan de wieg van de eerste (h)eerlijke stadstoers voor kinderen: de ‘kadeekestoers'! Ze waren zijn eigen kind. Zonder middelen maar met veel enthousiasme en engagement. De laatste jaren heeft hij nog een oude droom mee kunnen waarmaken met ‘Op Vadroei', drie wandeltochten voor kinderen. Wie kon betere namen verzinnen dan hij: ‘Zinneke en Spinneke', ‘Jeanneke en Manneke', Marol en Karakol'.
Grote en kleine evenementen besprenkelde hij met eigen toetsen en inzichten. Welzijnswerkers liet hij de kleine kanten van de stad ontdekken, rolstoelpatiënten begeleidde hij over trottoirs vol putten, en hij sloot zijn betoverende stadstoers voor vrienden en kennissen af in de Laboureur. Elke moeilijke vraag over de stad die op kantoor binnenkwam, kwam bij Polle terecht: hij kende wel het antwoord...
Het leven heeft het ‘m niet makkelijk gemaakt. Maar als collega was Polle voor ons een schat van een mens, iemand die te bescheiden was om zelf overtuigd te raken van al zijn eigen kwaliteiten. Hij heeft duizenden mensen heerlijke uren bezorgd, hij stond er altijd, met hart en ziel, voor zijn publiek!
We zullen ‘m missen, elke dag. Behoud zijn plaatsje in je leven!
Vanwege zijn OPB-collega's Jan, Annie, Gertje, Ann, Diane, Josiane, Kristien, Philippe, Bart, Christina, Katrien, Dany, Geert, Luc, Nicole en Rein.
Een reactie
Goede Polle,
Niets of niemand is onvervangbaar, maar hun bestaan kan zo een deugd doen.
Het was me gisteren het dagje wel, Polle, maar 't was dan ook jouw dag.
Je hebt voor de zoveelste keer al die mensen een hart onder de riem gestoken en nu kan ik er weer tegen.
Dank je nogmaals, waarde Polle,
Jari Demeulemeester
Een verhaal
Het was op een regenachtige zaterdagnamiddag in 1988 toen ik hem voor het eerst ontmoette.
Hij kwam zich bij ons thuis verkleden, we zochten een hulpje voor de Sint bij het kinderfeest.
We hadden wat zitten zoeken in eigen kring, maar niemand was enthousiast.
Iemand kende nog iemand.
Hij werd veel gevraagd, maar omwille van de vriendschap wilde hij wel.
Ik zie hem nog vertrekken naast de boomlange Sinterklaas.
Er zaten meer dan tweehonderd mensen in de zaal, het uitgelaten kleine grut en moeders met veel verwachtingen. Ik kende ze wel, een zeer kritisch publiek, soms werd de spreker of de Sint al na tien minuten zachtjes afgevoerd.
Binnen de minuut lag de zaal plat, kinderen joelden en schreeuwden, alle moeders waren voor altijd smoor op hem.
Zie ginds komt de stoomboot, uit Opwijk weer aan, hij brengt ons éne Zwarte Piet, we zagen hem amper staan.
Even stond de wereld stil : hier heeft Zwarte Piet een spoor getrokken, ver weg was de Sint.
Jàààren nog werd er gesmeekt om hem terug te halen, maar hij werd zoveel, zo vaak gevraagd.
En hij was niet de man die teerde op zijn roem.
Hij excuseerde zich nadien bij Sinterklaas, hij wilde niet alle aandacht op zich trekken.
De heilige man lachtte verlegen, hij had zich zelf kostelijk geamuseerd.
Ten voeten uit, haast beschaamd om zoveel natuurlijk talent.
Die man was Polle Berghman.
Hij kwam uit vriendschap, bespeelde meesterlijk het publiek en excuseerde zich, oprecht bescheiden, voor zijn succes.
Drie grote kwaliteiten, maar hij had er nog meer.
Sinds kort woonde hij in Brussel, vlak in mijn buurt. Ik trof hem in de cafés en terrassen rond Sint-Kathelijne of aan het Beursplein, ik wist hem wel te vinden.
We waren niet bevriend, nog niet, daarvoor zagen we mekaar te weinig, maar we gingen het wel worden, daar ging ik werk van maken.
Er was in Brussel nog zoveel te realiseren, de Polle had goesting en we waren nu ook buren.
Hij was de volprezen bezieler van de Kadeekestours, die honderden (wellicht duizenden) kinderen spelenderwijs de stad liet ontdekken. Maar hij was ook een gedreven stadsgids voor een volwassen publiek - als ik hem opmerkte tussen zo'n groep, welke hij moeiteloos betoverde, riep ik altijd : "Ge moet er niks van geloven," en vlak nadien, "het is de beste gids van 't stad."
Ik klopte dan even op zijn rug en hij lachtte smakelijk, zoals hij alleen dat kon.
De Polle was minzaam en bescheiden, een briljant vanzelfsprekend animator, met een liefdevolle pen en een zeer groot hart voor mensen en voor deze stad.
Hij wuifde alle lof lachend weg. Ik zag de Polle altijd lachen.
Niet meer.
Vandaag is hij gestorven en laat veel leegte achter. The Little Big Man.
De Polle heeft rijk geleefd en het gul uitgedeeld.
Adieu Polle, je t'aimais bien, tu sais.
C'est dur de mourir en automne,
on a chanté les mêmes vins,
je veux qu'on rit, je veux qu'on chante, je veux qu'on s'amuse comme des fous.
Agenda
Nieuwsbrief
Meer UITtips? Schrijf je in op onze nieuwsbrief.
